Na het lezen van dit artikel en toepassen van de tips zal de kwaliteit van je drukwerk met sprongen vooruit gaan.

Dit artikel is bedoeld voor desktoppublishers (dtp’ers). Dat zijn de mensen die met de Adobe software – InDesign, Illustrator en Photoshop – grafische uitingen produceren. Sommige delen van het artikel zijn daardoor enigszins technisch.

Heb je personeel in dienst die voor je produceren of ben je gewoon geïnteresseerd: lees vooral verder. Je zult misschien niet alles begrijpen wat ik schrijf maar ik heb de principes waarom het gaat geprobeerd zo duidelijk mogelijk uit te leggen. De essentie zal je dus niet ontgaan. Met dit artikel in de hand kun je drukwerk beter beoordelen op technische kwaliteit en wat er eventueel is misgegaan.

Deze fouten kunnen je veel geld kosten

Soms gaat het mis met drukwerk en heb je geen idee wat je verkeerd gedaan hebt.

  1. Er zitten dunne witte randjes aan de zijkant van je drukwerk;
  2. Een foto is onscherp;
  3. Een foto heeft een kleurtint of is niet goed belicht;
  4. Alle foto’s lijken grauw en futloos;
  5. Een deel van je tekst lijkt een heel klein beetje dikker dan de rest terwijl die even dik zou moeten zijn;
  6. Een witte tekst op een gekleurde ondergrond is op onverklaarbare wijze opeens verdwenen.

Wanneer jij de opmaak voor drukwerk verzorgd hebt en het eindresultaat is technisch niet goed dan heeft jouw klant het volste recht om nieuw drukwerk te eisen. Je klant is verantwoordelijk voor de inhoud. Jij bent verantwoordelijk voor de technische realisatie. Jouw klant heeft daar geen verstand van. Ook al stuurde je hem die technische werktekening met snijtekens en kleurscheidingen voor finale goedkeuring. De klant kon écht niet beoordelen dat het niet goed was.

Met deze tips bij de hand kun je die technische fouten, jouw deel van de overeenkomst, voorkomen.

Gebruik een checklist

Door een checklist te gebruiken weet je zeker dat je aan alles gedacht hebt voordat je de HighRes drukwerk-pdf naar de drukker stuurt:

  1. Is de afloop rondom overal minimaal 3 mm
  2. Is de effectieve resolutie van je fotografie minimaal 300 dpi
  3. Is de fotografie goed op kleur en goed belicht
  4. Heb je de juiste kleurinstellingen gebruikt
  5. Staan teksten niet achter transparante objecten
  6. Zijn de kleurscheidingen en overdruk gecheckt

1. Afloop rondom

Dat je dunne witte randjes aan de zijkant van je drukwerk ziet komt omdat de afloop rondom niet of niet goed is toegepast. Bij het aanmaken van je document geef je aan of en hoeveel afloop er om de opmaak zit. Dit is de marge die de drukker nodig heeft bij het schoonsnijden van het drukwerk. Meestal is die marge 3 mm rondom. Ook naderhand kun je deze marges aanpassen in je document. Dit doe je in het venster ‘Documentinstelling’ (Bestand/Documentinstelling…)

Controleren of de afloop overal goed is
Hoe kun je snel weten of je in je document overal de afloop ook daadwerkelijk hebt toegepast?

Daar zijn twee methodes voor: Preflight en handmatig of visueel checken.

Preflight
InDesign heeft een controlesysteem ingebouwd die je kan helpen om problemen op te sporen zoals niet (goed) toegepaste afloop.
Linksonder zie je in de rand van je documentvenster waarschijnlijk een groen bolletje staan met daarnaast de tekst ‘Geen fouten’. Dat is Preflight… die waarschijnlijk niks staat te doen.

Open in je menu Venster/Uitvoer/Preflight. Je ziet nu het Preflight venster. Waarschijnlijk staat er een vinkje voor ‘Aan’ (linksboven). Zo niet, zet het vinkje aan. Rechtsboven bij ‘Profiel’ staat: ‘[Basis] (in werking)’. Preflight staat wel aan maar controleert nog op vrijwel niets. Je kunt preflight-settings inladen of zelf aanmaken.

We gaan zelf een eenvoudige preflight-setting aanmaken.

  • Klik in het Preflight-venster rechtsboven op het hamburgermenu en selecteer ‘Profielen definiëren…’
  • Klik op het plusje (+) om een nieuw profiel aan te maken
  • Klap in het rechterveld ‘AFBEELDINGEN en OBJECTEN” open en scroll naar beneden
  • Vink aan ‘Problematisch afloop-/snijgebied’
  • Klap open
  • Bij de maten in de vakjes staat waarschijnlijk 6,35 mm
  • Klik OK

Dit is het gebied aan de binnenkant van je werkstuk wat InDesign controleert op afloop. Als er zich binnen een straal van 6,35 mm vanaf de zijkanten van je werkstuk een kader bevindt die niet doorloopt tot 3 mm buiten je werkstuk dan ziet Preflight dat als een fout. Deze waarden kun je uiteraard naar eigen inzicht aanpassen.

In het Preflight-venster staat precies aangegeven wat er niet goed is, gegroepeerd per soort: kleuren, typografie, afbeeldingen en objecten en ga zo maar door.
Zo’n groep kun je openklappen en per fout kun je dubbelklikken waarna je naar het betreffende object in je document springt. Handig! Kun je de fout direct herstellen. Weer 1 error minder.

Handmatig checken

Selecteer in je menu Weergave/Schermmodus/Afloopgebied. Je document wordt nu getoond mét de ingestelde afloop rondom. Het document ziet er dus iets groter uit. Je kunt nu op het oog checken waar je de afloop nog niet goed hebt toegepast.

2. Effectieve resolutie

Wanneer een foto onscherp oogt terwijl het origineel wel scherp is dan is mogelijk de resolutie te laag. Een afbeelding van 300 dpi plaatsen wil nog niet zeggen dat ie ook op 300 dpi gedrukt wordt. Dat zit zo: als je een afbeelding importeert en je vergroot ’m vervolgens naar bijv. 200% dan halveert de resolutie in print. Dit heet de effectieve resolutie. Díe is dus belangrijk en niet de hoeveelheid dpi die is ingesteld in Photoshop.

Hoe kun je de effectieve resolutie dan zien? In je koppelingen-venster (Venster/Koppelingen) wordt standaard de resolutie van de foto getoond: 300 dpi. Maar zoals je net gezien hebt is dat getal nutteloos zodra je de afbeelding gaat vergroten of verkleinen (wat in 90% van de gevallen gebeurt).

Je kunt zelf gaan zitten rekenen maar het koppelingen-venster kan jou ook de effectieve resolutie laten zien. En dat gaat zo: klik in het koppelingen-venster rechtsboven op het hamburgermenu en kies ‘Deelvensteropties…’. Vervolgens kun je aanvinken welke informatie je allemaal wilt zien. Vink ‘Effectieve ppi’ aan (dpi en ppi is hetzelfde) en sluit het menu. Je zal zien dat de effectieve resolutie van die foto op 200% inderdaad 150 dpi is. Handig is dat je dan meteen ook kun zien of een afbeelding is uitgerekt: dan staat er zoiets als ‘150 x 157 dpi’.

3. Fotografie

Steeds vaker zijn aangeleverde foto’s genomen met een mobiele telefoon. Eigenlijk zou je die moeten weigeren maar helaas gaat dat in de praktijk meestal niet op. Oppimpen dan maar. Of in ieder geval controleren of de kleur en de belichting wel juist zijn.

Nu is een juiste kleur of belichting wel een beetje een smaakdingetje maar er zijn een paar vuistregels: zwart moet zwart zijn en wit is wit. Logisch. En iets wat neutraal grijs zou moeten zijn heeft dus geen rode of groene gloed. Het gaat te ver om hier kleur- en belichtingstechnieken in Photoshop uit te leggen maar er zijn een paar supersnelle tips die ik uitleg in mijn blogpost: ‘Photoshop Quick Tips: Belichting

Extra tip: als je een foto vrijstaand geknipt hebt in Photoshop en je plaatst de uitgeknipte foto op een witte ondergrond, zorg dan dat je de foto in Photoshop ietsje lichter maakt dan normaal (belichting). Anders zul je zien dat de uitgeknipte foto er mogelijk te donker uitziet. Optisch trucje 🙂

4. Kleurinstellingen

Als alle foto’s grauw en futloos lijken in het drukwerk, dan heb je waarschijnlijk de kleurinstellingen verkeerd staan. Waar je je project eigenlijk mee zou moeten beginnen is het instellen van het juiste kleurprofiel.

In InDesign is het nog niet zo erg als je later je kleurprofiel veranderd. In Photoshop is dat een ander verhaal: iedere keer als je bijvoorbeeld een foto omzet van RGB naar CMYK dan doet Photoshop dat via het ingestelde kleurprofiel. Onomkeerbaar. Als het profiel niet de juiste was kun je dus alles weer overnieuw doen. Beetje lullig als je net alles hebt zitten retoucheren, kleuren aanpassen en wat allemaal nog meer…

Stel je kleurinstellingen goed in…per klus

Als Adobe software vers ‘uit de doos’ geïnstalleerd wordt staat in alle pakketten (InDesign, Photoshop, Illustrator) de kleur standaard ingesteld op ‘U.S. Web Coated (SWOP) v2’. Dit is de kleurinstelling voor Noord-Amerika. Tenzij je opmaakwerk voor die regio doet moet je als eerste de kleurinstellingen aanpassen naar de laatste versie voor Europa (op het moment van schrijven is dat ‘Coated FOGRA39 (ISO 12647-2:2004)’). Maar het hangt natuurlijk af voor welk doel je je opmaak doet. Is het voor krant, magazine of voor web? Doe je huiswerk en stel de juiste kleurprofielen in…per klus.

Tip: doe dat in Adobe Bridge. Dan worden meteen alle Adobe pakketten met dezelfde kleurprofielen ingesteld.

5. Transparante objecten

Een bijzondere categorie zijn de transparante objecten. Wat zijn transparante objecten?

  • Kaders met een slagschaduw
  • Photoshop documenten met lagen
  • Objecten (lijnen, kaders, foto’s, testen) met een dekkingspercentage lager dan 100%
  • Objecten die je hebt ingesteld op ‘Vermenigvuldigen’ of een ander effect.
  • Eigenlijk alle aanpassingen die je doet in het ‘Effecten-venster’ maakt objecten transparant

Wanneer een lijn of een tekst in InDesign (deels) achter een transparant object staat dan zal de lijn of tekst in het drukwerk eerst omgezet worden naar contouren. En wanneer dat gebeurt zul je zien dat op de plek waar het transparante object de tekst of lijn overlapt, de tekst of lijn een piepklein beetje dikker geworden is. Genoeg om hinderlijk opvallend te zijn. Zorg dus altijd dat tekst boven een transparant object staat. Het handigst doe je dat in InDesign door gebruik te maken van lagen. Alle tekst zet je in de laag ‘tekst’, transparante objecten in de laag ‘transparant’, etc. De tekstlaag zet je bovenop. Op deze manier werk je veilig en kun je bewust kiezen wanneer je daar een keer vanaf wijkt.

Een paar valkuilen:

  • Een Photoshop bestand waarin je sommige delen hebt weggehaald (vrijstaande beelden bijvoorbeeld) heeft soms enorme gebieden die geen pixels en dus geen dekking hebben. Maar pas op: InDesign beschouwd alles van die foto als transparant. Dus ook die ‘lege’ gebieden. Ook dan geldt: tekst bovenop, dan ben je veilig.
  • Je kunt op twee manieren 50% grijs (of een andere kleur) maken:
    1. Door een vlak te vullen met 50% zwart
    2. Door een vlak te vullen met 100% zwart en de dekking op 50% te zetten.

In het eerste geval is een tekst achter dit vlak onzichtbaar. De tekst zal dan ook niet omgezet worden naar contouren.

In het tweede geval is een tekst achter het vlak half zichtbaar. Het vlak ervoor is transparant en de tekst erachter zal wel worden omgezet naar contouren.

6. Kleurscheidingen en overdruk

Ken je dat: die witte tekst op het gekleurde vlak stond echt op je beeldscherm. Maar opeens niet meer in je drukwerk. WTF?!

De kans is groot dat het een tekst is die je in Illustrator gemaakt hebt. En ik durf te wedden dat tijdens het ontwerpproces de tekst eerst zwart was. Klopt?

Opsporen
Met de InDesignfunctie ‘Voorvertoning scheidingen’ (Venster/Uitvoer/Voorvertoning scheidingen) kun je zien hoe jouw InDesign-document er in druk gaat uitzien. Selecteer bij ‘Weergave’: Scheidingen. InDesign maakt een virtuele kleurscheiding en legt de kleurplaten op elkaar net als in de drukkerij. Als op het scherm de witte tekst nu niet verdwijnt, dan blijft ie ook in het drukwerk zichtbaar. Verdwijnt ie wel, dan ook in je drukwerk. Heel handig.

Oplossen
Goed, je hebt zojuist een fantoom-tekst (of lijn of ander object) gevonden en nu? Open de illustratie in Adobe Illustrator, selecteer de tekst of whatever dat de neiging heeft om te verdwijnen en kijk in het venster ‘Kenmerken’ (Venster/Kenmerken) of toevallig het vakje ‘Vulling overdrukken’ en/of ‘Lijn overdrukken’ staat aangevinkt. Zet het vinkje uit. bewaar het document. Updaten in InDesign en check nogmaals de ‘Voorvertoning scheidingen’. Gefixt!

Kijk ook met technische ogen naar je dtp-werk

Dtp’en is echt iets anders dan grafisch vormgeven. Iets kan er in ontwerp en op het scherm fantastisch uit zien en in druk volledig de mist in gaan. De dtp’er moet het ontwerp vertalen naar een technisch topstuk dat het ontwerp in druk tot zijn recht laat komen. Onopvallend misschien (als je het goed doet) maar o zo belangrijk.

Met deze tips hoop ik je uit het moeras van fouten te houden. Je moet nu een heel eind kunnen komen. Maar kom je er toch niet uit of heb je een andere vraag: stel die gerust en ik help je verder.

Vragen? Stel ze gerust

Misschien gaat dit stuk je technisch boven de pet of heb je geen zin in die technische toestanden. Ook dan kan ik je helpen. Ik los het graag voor je op.

Boek een gratis adviesgesprek

Deel je gedachten en vragen in de commentaar-sectie beneden.

Lees ook mijn artikel over het vermijden van 6 veelvoorkomende missers in dtp-studio’s.

Published On: 19 november 2020 / Categories: Artikel / 0 Comments /

Schrijf je in voor het laatste dtp‑nieuws

Artikelen en tips & trics over desktop­publishing met veel aandacht voor InDesign, Illustrator en Photoshop.





    Loading...


    Bekijk mijn Privacybeleid hier.

    Leave A Comment